Jean Sibelius

Project proposal · 2027

Jean Sibelius

The complete symphonies and tone poems — translated into a new life for the pipe organ.

Complete pipe-organ transcription
Complete seven-volume recording

Explore the proposal
Jean Sibelius · Symphony No. 5 · Pori 2027 CD cover
Quatre Visages Music Production · forthcoming release · 8 December 2027

SPECIAL ANNOUNCEMENT · FINLAND 2027

Sibelius Anniversary Concert · Pori Finland

24 October 2027 · Central Pori Church (Keski-Porin kirkko) · Paschen organ · concert & CD recording

On 24 October 2027 6 p.m. at the Paschen organ of Central Church Pori, Finland an Anniversary Concert for Jean Sibelius takes place. Gottfried Thore Drywa will perform the 5th Symphony Op. 82. Additionally, a CD production centred on Sibelius’s Symphony No. 5 in Drywa’s organ transcription will be completed.

Carl Nielsen Aladdin Suite, Op. 34 (FS 89) · Festive MarchTranscription by Gottfried Thore Drywa

Franz Schubert Symphony No. 8 in B minor, D 759 · The Unfinished · I–IITranscription by Gottfried Thore Drywa

Jean Sibelius The Swan of Tuonela, Op. 22 No. 2Transcription by Gottfried Thore Drywa

Jean Sibelius Symphony No. 5, Op. 82 · I–IIITranscription by Gottfried Thore Drywa

CD RECORDING · PORI 2027

Recording sessions will take place around the concert. The new Quatre Visages release is scheduled for 8 December 2027, Jean Sibelius’s birthday. It is conceived as a stand-alone album within the ongoing organ-transcription project rather than as a numbered volume of the later complete edition.

Drywa plays Sibelius Sibelius Project · 2027

A complete seven-volume recording

One project.
Seven listening rooms.

Browse the project proposal: its artistic idea, the recording plan, the interpreter, and the partners who can make the cycle possible. Read the web version →

01 / 06 · PROJECT COVER

A new voice for Sibelius

A seven-volume cycle bringing the architecture, atmosphere and elemental force of Sibelius into the resources of the pipe organ.

The score is not reduced.
It is re-imagined.

Sibelius Project proposal cover
Sibelius Project page: a complete seven-volume recording
Sibelius Project page: recording plan
Sibelius Project page: the interpreter as architect
Sibelius Project page: help make this cycle possible
Sibelius Project proposal back cover
01 / 06


The idea behind the cycle

Beyond the score.
Into sound.

The proposal in full: the artistic idea, the instrument, the interpreter and the historical moment that gives the cycle its shape.

The work and lifetime of Jean Sibelius include more than the cultural heritage of his seven symphonies and numerous symphonic poems. His music carries a particular magnificence, beauty and depth: a world that can only remain alive when it is continually heard, questioned and re-imagined.

This project brings the complete symphonies and major symphonic works into the resources of the pipe organ. It is not an attempt to make the organ impersonate an orchestra. The organ is treated as an independent, architectural instrument — capable of revealing a different physical and emotional dimension of the music.

Seven independent listening rooms become one continuous portrait. Each volume is recorded in a church or concert organ whose identity becomes part of the music. The result is a new physical perspective on Sibelius' orchestral imagination.

The score is not reduced.
It is re-imagined.
Jean Sibelius portrait from the project proposal
Jean Sibelius · project cover
Jean Sibelius portrait and project identity
70 years after · 2027

The edition · seven volumes

The recording plan

Each volume is shown beside the repertoire it will contain. Together they form a complete symphonic portrait of Sibelius.

01

Karelia · Symphony No. 1

Karelia Overture, Op. 10; Karelia Suite, Op. 11; Symphony No. 1, Op. 39.

02

Finlandia · Symphony No. 2

Finlandia, Op. 26; En Saga, Op. 9; Valse triste, Op. 44; Symphony No. 2, Op. 43.

03

Lemminkäinen · Symphony No. 3

Lemminkäinen Suite, Op. 22, Nos. 1–4; Symphony No. 3, Op. 52.

04

Night Ride · Symphony No. 4

Night Ride and Sunrise, Op. 55; Swanwhite Suite, Op. 54; Symphony No. 4, Op. 63.

05

The Oceanides · Symphony No. 5

The Oceanides, Op. 73; The Dryad, Op. 45 No. 1; Dance Intermezzo, Op. 45 No. 2; Pohjola’s Daughter, Op. 49; Symphony No. 5, Op. 82.

06

The Tempest · Symphony No. 6

The Tempest, JS 182; The Tempest Prelude and Suites, Op. 109, Nos. 1–3; Symphony No. 6, Op. 104.

07

The Bard · Symphony No. 7

Andante festivo; The Bard, Op. 64; Symphony No. 7, Op. 105; Tapiola, Op. 112.

The seven Sibelius CD covers and recording plan
The seven-volume edition: every cover is conceived as part of one continuous visual and musical portrait. Click the image to enlarge.
Gottfried Thore Drywa at the organ

The interpreter as architect

Music stays alive through the performer.

A work of decades comes to life through the act of interpretation. Gottfried Thore Drywa's transcriptions begin with the score but do not end there. They ask what the music needs in order to breathe again in another medium.

Registration is not orchestration, and the organ is not a substitute for an orchestra. Every instrument has its own grammar, its own architecture and its own possibilities. The transcriber therefore translates musical functions into the resources of a specific room and a specific instrument.

The performer reads the score as a conductor, decides its colours as an orchestrator, and realises its architecture with hands and feet.

Original article · TIMBRES 6/2009 · Orgelpark Amsterdam

Op zoek naar de muziek achter de partituur

In search of the music behind the score — the original essay that first articulated the artistic idea behind these transcriptions.

Een componist wiens werk niet meer klinkt, of, erger nog, wiens werk alleen nog maar op een bepaalde manier gehoord wordt, verdwijnt onder de opvattingen van de generaties na hem, zonder zelf nog in staat te zijn het perspectief op zijn werk te kunnen veranderen. Het is een essentieel werk voor wie de westerse klassieke muziek liefheeft: Sibelius' symfonische gedicht over zijn geboorteland, Finlandia. Niet alleen als compositie, maar ook als noodzakelijk element voor wie Sibelius (1865–1957) wil begrijpen, een onderneming die iedere musicus die zijn werk spelen wil, zal moeten ondernemen. Je zou zelfs kunnen zeggen dat dit begrijpen afhangt van de mate waarin je onderkent hoe Finlandia en de grote symfonie van Sibelius' levensverhaal met elkaar samenhangen.

In een klein, op het eerste gezicht verwaarloosbaar hoekje van deze levenssymfonie, schuilt een kleurrijk detail: Jean Sibelius was organist. Zijn vriend, de Finse schilder Akseli Gallen-Kallela, had een orgel in zijn atelier staan, waarop Sibelius vaak improviseerde. Beide kunstenaars waren zonder twijfel verbonden door eenzelfde idee: de symfonie van de vrijheid van hun natie en van de cultuur van de mensen die in die natie leefden.

Nu valt het onder de verantwoordelijkheid van de interpreterende musicus de identiteit van een compositie recht te doen, zeker wanneer hij, zoals ik zal doen, transcripties van orkestwerken op orgel speelt. Juist daarom is dit onbekende aspect van Sibelius van belang: hij schreef enkele orgelwerken, waardoor het iets gemakkelijker is te weten hoe hij het orgel wilde laten klinken. Denk bijvoorbeeld aan zijn Trauermusik (opus 113) of aan Die Musiken (opus 113).

Bijzonder interessant is het in dit verband ook dat Sibelius de transcriptie voor orgel van Finlandia (opus 26), gemaakt door Herbert Austin Fricker (1868–1943), expliciet toejuichte. Fricker was destijds in Engeland en Amerika een bekende componist, organist en dirigent. Al met al is het dus geen onhoudbaar idee orgeltranscripties te maken van Sibelius' symfonieën en symfonische gedichten.

Ik ga er bij mijn transcripties van uit dat het orgel een zelfstandig instrument is, dat tot veel meer in staat is dan slechts een orkest imiteren. Een symfonisch werk voor orgel transcriberen betekent daarom voor mij dat het karakter, de stemming en de emotionele ervaring ervan een geheel nieuw en zeer persoonlijk aspect verleend kan worden.

Bij Sibelius zijn er zowel overeenkomsten als verschillen tussen zijn opvatting van het orgel en die van het orkest. Uiteraard bereiden vooral de verschillen de transcriberende organist zorgen. Denk bijvoorbeeld aan de speciale vorm waarin op een orgel een crescendo wordt opgebouwd, of aan de manier waarop orgelregisters zijn geordend in allerlei toonhoogtes. Ook zijn de verschillende facetten van een soloklank bij een orkest veel eenvoudiger bruikbaar dan op een orgel, zelfs als dat over vier manualen en ontelbare registers beschikt, eenvoudig omdat de ordening van de klanken per manuaal de mogelijkheden van de organist begrenst.

Verder is registreren op een orgel niet zonder meer vergelijkbaar met orkestreren. Niet alleen omdat elk orgel een individu is en dus per instrument een andere klank bezit, maar ook omdat een zachte hoornklank en een forte hoornklank uit het orkest niet zomaar met verschillende vormen van hetzelfde orgelregister kunnen worden geïmiteerd. Tevens speelt een rol dat sommige orgels gewoon de registers niet hebben die je bijvoorbeeld bij Sibelius echt nodig hebt: zijn fff-klankaccenten kun je op een orgel alleen maar realiseren met echt sterke trompetregisters.

De klank en de intentie van de componist recht doen, vereist soms dus creatieve oplossingen. Het zijn precies deze oplossingen die een orgeltranscriptie tot een zelfstandige versie van het voorbeeldwerk kunnen maken. Gelukkig leidt ervaring met een levendige uitvoeringspraktijk, gebaseerd op de overtuiging dat het voorhanden klankmateriaal van een orgel niet zozeer beperkend is als wel mogelijkheden biedt, bijna altijd tot overtuigende ‘klankillusies’.

Daar komt bij dat transcriberen een heel intieme manier van partituurlezen is: allerlei verfijningen in bijvoorbeeld motiefverwerking of de klankkleurbeheersing, die in feite niet letterlijk in de partituur staan maar niettemin een belangrijk aspect van de muziek bepalen, wordt je je pas werkelijk bewust wanneer je transcribeert. In het eerste deel van Symfonie II (opus 43) verlenen de koperblazers bijvoorbeeld een bijzonder aspect aan een in zich in principe niet veranderende klank, door kort tot klinken te komen en weer te verdwijnen.

Een belangrijke overeenkomst tussen orgel en orkest is, naast al deze verschillen en hun benadering, dat beiden in staat zijn meer te laten klinken dan alleen de som van de delen die de partituur vormen: ze kunnen de muziek laten horen die de componist zich voorstelde.

Sibelius vatte zijn muziek op als een brokstuk, als een mozaïekdeeltje van goddelijke inspiratie. Ik vind dat er een diepe, koele treurigheid in doorklinkt, magie en gevoel voor monumentaliteit. Dergelijke mozaïekdeeltjes een nieuw gezicht te verlenen en een nieuwe uitdrukking te geven, is het doel van mijn transcripties en van mijn concert.

Het is een poging het orgelaspect en het orkestaspect van het werk van Sibelius, om allerlei redenen lang van elkaar gescheiden geweest, weer bij elkaar te brengen. Een waarlijk symfonische gedachte, die me steunt in het idee dat dit een goede manier is om met het werk van de ‘Symfoniker’ Sibelius om te gaan.

Gottfried Thore Drywa · Musikzeitschrift TIMBRES (6/2009) · Orgelpark Amsterdam

Help to make this cycle possible

Give Sibelius a new voice.

In 2027, seventy years after Sibelius' death, the cycle can become a living international edition — recorded in churches and concert organs whose identities become part of the music.

Contact Gottfried Thore Drywa →

01 · Founding or volume partners

Support the complete cycle or an individual volume.

02 · Venue and instrument partners

Provide access to a significant organ, a recording space and local collaboration.

03 · Production partners

Support recording, post-production, publication and the digital archive.

04 · Patrons and individual supporters

Contribute to a particular recording phase, volume or the complete edition.